Onderwerp: MUZIEK, JAZZ

Zondag 24 Juni 2007 at 8:40 pm

Sherrie Maricle en The DIVA Jazz Orchestra en DK Ibomeka: aardig, maar niet meer...

Denise Jannah
Jazz at the Zoo
Jazz at the Zoo

Door Hans Frederiks met foto's van Leo Drughorn (klik voor vergroting)

Jazz at the Zoo is een stichting die in de Koningszaal van Artis jazzconcerten organiseert, waarbij een van de doelen is fondsen te verzamelen voor een nieuw olifantenverblijf voor Artis, nieuwbouwplannen die in de buurt van Artis in ieder geval omstreden zijn. De concerten worden ook gesponsord - ook ten bate van het olifantenverblijf, dit keer door een deurwaarderskantoor, waardoor ik het gevoel had in de zaal niet echt tussen vrienden te zitten. Wat bekende Nederlanders in de zaal, keurig net publiek. Het publiek wordt op deze Hemelvaartsdag getrakteerd op een big band bestaande uit louter dames, Sherrie Maricle en The DIVA Jazz Orchestra, met telkens aan het einde van de set de band met de jonge zanger DK Ibomeka, een Canadese immigrantenzoon.

DIVA werd opgericht door Stanley Kay, een voormalige manager en drummer van de Buddy Rich Big Band. Kay leidde een band waarin Maricle drumde. Hij was onder de indruk van haar kunnen en vroeg zich af of er geen andere vrouwen waren met dezelfde muzikale kwaliteiten als Maricle. Zo onstond in 1993 de eerste Big Band bestaande uit louter vrouwen. De , die nu geleid wordt door , is traditioneel, met idem dito repertoire. Niks mis mee, als het maar strak en met verve gespeeld wordt.
DK Ikbomeka
Jazz at the Zoo
Jazz at the Zoo


Het was entertaining, erg traditioneel en stevig gespeeld, zo stevig zelfs dat tijdens een van de nummers het drumstel van Maricle bijna in elkaar stortte en door de Jazz at the Zoo roadmanager moet worden vastgehouden. De band had lol samen, dat zag je aan de manier waarop ze samen de koortjes deden of waarop ze elkaar tijdens het spelen aankeken en aanmoedigden. Mooi was bijvoorbeeld ‘Come Sunday’ van Duke Ellington, met solo’s van de baritonsaxofoniste en de trompettiste en de langzame ballad ‘You don’t know wat love is’. Van de tweede set was vooral ‘Stars fell on Alabama’ met solo’s op fl ¼gelhorn en tenorsax het aanhoren meer dan waard. Van de musici maakten de bassiste en de pianiste - overigens allebei afkomstig uit Japan - op mij de meeste indruk.

Halverwege de eerste een tweede set kwam de enige man in het gezelschap de boel met zang versterken. DK Ibomeka, zoon van Nigeriaanse emigranten uit Canada, een ex-medicijnen student, twee meter lang en 160 kilo zwaar, die van de ene op de andere dag wilde gaan zingen, doordat hij erg onder de indruk was geraakt van de zang van Ella Fitzgerald. Hij zong goed, met passie, met eenzelfde motoriek als de jonge Joe Cocker, maar zonder zijn sterke stem. Hij zong niet vals of uit de maat, maar zijn stem was eigenlijk niet echt bijzonder. Het deed me niet veel. Een zelfde voorspelbaar repertoire als Sherrie en haar orkest. Hij zong ‘I believe to my soul’ en ‘I put a spell on you’ en je moet van goede huize komen wil je de versie van Nina Simone overtreffen. Grappig was ‘Nobody loves me’, waarbij het dameskoortje van de band de hele tijd ‘aaaah...’ zong, als Ibomeka weer zong dat niemand van hem hield. Aardig was zijn versie van ‘I was made to love you’, bijna soulmuziek, en zijn absoluut onherkenbare versie van ‘Oh Darling’ van de Beatles, langzamer en beetje slepend uitgevoerd.

Jazz at the Zoo
Sherrie Maricle
DK Ikbomeka


is natuurlijk nog jong, hij zingt nog niet lang en kan best wat gruis op zijn stembanden gebruiken. De enige die die avond wél goed kon zingen, was , die de avond mocht presenteren en één liedje met het Jazz Orchestra mocht zingen. Al met al was het een aardige avond, maar niet meer dan dat. Keurig vermaak, keurig publiek - niks mis mee allemaal - maar spannend was het niet.

- website

Onderwerp: POP-ROCK, JAZZ, FESTIVAL

Zondag 27 Mei 2007 at 9:09 pm

Grooven tijdens sterke tweede dag The Hague Jazz

Solomon Burke
Kid Creole & The Coconuts
Candy Dulfer

Door Serge Julien en Berbera van den Hoek (klik voor vergroting)

Waren we al onder de indruk van de eerste dag van The Hague Jazz, de tweede in de voorverkoop al uitverkochte dag is zonodig nog interessanter kijkend naar de sterke programmering. Net zoals bij het North Sea Jazz festival is het op The Hague Jazz lastig om een keuze te maken welke bands je gaat bezoeken aangezien het maar vaak genoeg voorkomt dat je favorieten tegelijkertijd spelen. Het zaterdagprogramma bevat niet geringe namen als Al DiMeola, , Candy en Hans Dulfer, Tania Maria, Koop, Benjamin Herman, Jean Luc Ponty, Jan Akkerman, Han Bennink en Michiel Borstlap.

We maken de keuze de minder traditionele jazz te gaan beluisteren en zoeken vooral naar de funky grooves. De groove kan zondermeer worden gegarandeerd door en haar Funky Stuff die de tweede dag opent in de A Train tent. Een optreden dat op zich niks nieuws biedt dan wat je verwacht van Candy maar daar is niks mis mee want haar funky nummers gaan erin als zoete koek. Tussen die nummers zit nieuw werk van het eind juni te verwachten album Candy Store. Deze CD wordt uitgebracht bij het Amerikaanse label Heads Up waarmee Candy in zee is gegaan. The Hague Jazz heeft een primeur als tijdens een persconferentie de samenwerking tussen de saxofoniste en het prominente platenlabel wordt bekrachtigd met het tekenen van het platencontract. In de catacomben van het World Forum vind wat later een optreden plaats van niet alleen een van neerlands beste en meest veelzijdige jazzsaxofonisten maar ook een van de beste geklede: . Met diens quartet bestaande uit op drums, op contrabas en de onnavolgbare op gitaar speelt hij een aantal stukken uit zijn repertoire waarin plaats is voor tempowisselingen en chaotische spel elementen (D-day is een prachtig voorbeeld) maar erg knap en avontuurlijk. Ook zijn geprezen CD The Itch is vertegenwoordigd in de set. Een fantastisch op elkaar ingespeeld quartet!

Kid Creole & The Coconuts
Gumbi Ortiz
Nigel Kennedy


In Blakey’s Corner spelen de die dik tien jaar geleden een hit scoorden met het lekkere The Creator Has A Masterplan. Op het moment dat we ons tussen het publiek voegen wordt ook net dit nummer ingezet maar als blijkt dat het een drakerige behandeling krijgt druipen we ook heel snel weer af. Wellicht onterecht na slechts een nummer maar dan gaan we liever kijken wat nog weet te bieden anno 2007. De mix van disco funk en Caribische ritmes zorgt er in de jaren tachtig voor dat de dandy August Darnell met zijn schaarsgeklede kokosnootjes hits scoort met onder andere Annie, I’m Not Your Daddy, Hey Mambo en Endicott. Er bestaat altijd een gevaar dat wanneer dergelijke groepen weer worden gereanimeerd, het resultaat een schimp is van wat het was. In dit geval pakt het wonderwel goed uit. Een funkfeest dampt van het podium af en Creole ziet er in zijn paarse gangsterpak en zwarte hoed weer net zo uit als in de hoogtijdagen. Ook een nieuwe generatie Coconuts krioelt om hem heen en het publiek amuseert zich feestelijk bij dit weerzien. Een absolute verrassing!

Van een heel ander kaliber en eenzaam hoog niveau is het optreden van gitaarvirtuoos . Vorig jaar stond de man ook op het festival en liet daar zo’n onweerstaanbare indruk achter dat hij op veler verzoek werd geprolongeerd op de tweede editie van het festival. Een vol World Forum theater is getuige van man’s fabelachtige spel. Er is minimaal contact met het publiek. Hij gaat volledig op in zijn geïnspireerde en avontuurlijke gitaarspel waarin het ook geweldig is om te zien hoe de linkerhand virtuoos over de hals heen gaat. Hij wisselt elektrisch en semi acoustisch af en wordt begeleid door een prima band waarin percussionist opvalt.
Helaas een veel te kort optreden van een uur maar de schoonheid is er niet minder om! Een absoluut hoogtepunt!

In Louis’ Basement is het Braziliaanse muziek wat de klok slaat. Naast treedt oudgediende aan die met haar donkere en sensuele vocalen een jazzy en soulvolle set doet waarin ze onder andere een niet onverdienstelijke versie doet van Mas Que Nada en natuurlijk haar grote hit Come With Me. Het programma in Louis’Basement is dan al een uur uitgelopen als om 1.30 een van de leukste en beste live bands in Nederland haar mix van elektronische muziek jazz, funk en opzwepende Braziliaanse ritmes ten gehore brengt. De band geeft een uiterst energieke set waarin de altijd stralende en amicale zangeres Lilian Vieira het publiek aanzet tot meezingen en dansen. Onweerstaanbaar lekker en zo wordt met Zuco 103 de tweede editie van The Hague Jazz waardig en feestelijk afgesloten!

Al DiMeola
Kid Creole & The Coconuts
Kid Creole & The Coconuts


Den Haag heeft met The Hague Jazz een volwaardig vervangend jazzfestijn. De zeer geslaagde tweede editie roept met haar prima organisatie, de sterke programmering van nationale en internationale artiesten en relaxte ambiance overwegend positieve gevoelens op en smaakt daarom naar meer. De volgende editie staat gepland op 23 en 24 mei volgend jaar en daar kijken we nu al reikhalzend naar uit. The Hague Jazz is here and it’s here to stay!

- website

Onderwerp: JAZZ, FESTIVAL

Donderdag 24 Mei 2007 at 7:03 pm

Weinig “echte” jazz op eerste dag The Hague Jazz

James Carter
Nueva Manteca
Quincy

Door René de Hilster met foto's van Hans Speekenbrink (klik voor groter)
World Forum Convention Center Den Haag “ 18 mei 2007


Na het verdwijnen van het North Sea Jazz festival (NSJF) leek er wat betreft jazz in Den Haag een gat te vallen. De scheiding van het NSJF en Den Haag was op cultuur en op economisch gebied een behoorlijke aderlating. De gemeente Den Haag gaf dan ook te kennen dat zij bereid was om een nieuw initiatief te ondersteunen met subsidie. Van de zestig ingezonden plannen koos de gemeente uiteindelijk voor het Pure Jazz Fest. Terwijl dit alles aan de gang was besloot ondernemer Ruud Wijkniet om zelf “iets” op poten te zetten maar dan wel in de vertrouwde omgeving van het Congrescentrum. In een luttele vier maanden wist hij The Hague Jazz uit de grond te stampen. De eerste versie van dit nieuwe festival was zo succesvol dat een tweede editie niet kon uitblijven. Ditmaal ondersteund door de gemeente Den Haag.

The Hague Jazz (THJ) speelt overduidelijk in op de sentimenten van de begin jaren van het NSJF. Het festival maakt dan ook gebruik van de blauwdrukken van haar grote broer; het meerdere zalen concept, een diversiteit aan artiesten, andere uitingsvormen zoals beeldende kunst en natuurlijk de bierpomp. Ook de programmering lijdt onder het NSJF euvel, vooral veel randgebeuren en maar weinig “echte” jazz. Van de éénenveertig optredende acts op de eerste dag konden er maar acht worden gerekend tot de categorie echte jazz. Verreweg de meeste optredens zaten in de soul en lounge hoek. Dat bleek echter voor velen geen belemmering om het festival te bezoeken want de eerste dag was nagenoeg uitverkocht. Dat komt m.i. vooral door de hang naar nostalgie en het creëren van een duidelijk wij gevoel door de organisatie. En al leidde een uitverkocht huis niet tot toestanden (volle corridors, rijen voor de zalen) zoals we ze meemaakte bij het NSJF. Zo nu en dan kwam je niet om een flinke rij heen, vooral bij de kraampjes waar voedsel werd verkocht en bij de muntdistributiepunten ontstonden soms flinke files. Maar dat mocht de gezelligheid niet drukken. En gezellig was het zeker. Het inmiddels tot World Forum Convention Center ongetoverde Congrescentrum is door de organisatie sfeervol ingericht en aangekleed. Veel zithoekjes en loungeruimtes waar door horden mensen gretig gebruik van werd gemaakt. Er werd vooral veel en luidruchtig gepraat en dat brengt me bij het volgende fenomeen waar geen festivalorganisatie wat aan kan doen. De tegenwoordige festivalbezoeker blijkt namelijk vaak meer geïnteresseerd te zijn in het sociale aspect dan in de gespeelde muziek. Voor vele lijkt de optredende artiesten een leuke bijkomstigheid. Men wil praten en dat gebeurt dan ook overal, buiten de zalen maar ook in de zalen tijdens de optredens. Voor de ware jazzconnaisseur een niet echt aantrekkelijk beeld want hij/zij moet door al dat gebabbel naar de favoriete artiest luisteren. Feitelijk zie je dan ook een steeds grotere verschuiving van het type bezoekers. Het aantal festivalliefhebbers neemt drastisch toe terwijl daartegen het aantal jazzliefhebbers afneemt op dergelijke megafestivals.

Rik Mol
Sebastiaan
Slide Hampton


En dan de muziek. Het randgebeuren wordt gecoverd door mijn cultuurpodiumcollega Serge Julien. Ik kan me dus geheel richten op de meer traditionelere jazzvormen.
Als eerste stond op mijn lijstje het , hij speelde in Miles’ Home. In de zaal aangekomen stond er een echte pop line-up op het podium en toen tijdens de aankondiging de achtergrond zangeressen het podium bestegen wist ik al hoe laat het was. Het bleek te gaan om het 17-jarig zangtalent , een niet onaardige pop zanger. Met jazz had het niet veel van doen. Na twee stukken hield ik het voor gezien. Wel erg jazzy, maar dan wel met een latinbeat, was het gezamenlijke optreden van met de blazers van het Jazzorchestra of the Concertgebouw. Mooie arrangementen, sterk solowerk en opzwepende ritmes vormden de basis van dit concert. Vooral saxofonist Ben van den Dungen en trompettist excelleerde in hun solistische bijdragen. De groep stond als volgende op de lijst. Zij speelde voor een stampvolle zaal die zich vooral bezighield met onderlinge communicatie. Tussen al die gesprekken door was te horen dat dit kwintet muzikaal erg goed in elkaar zit maar door de weinge dynamiek en constant dromerige sfeer van de eigen composities niet kan blijven boeien.

Op naar Chez Ella alwaar één van de grote namen op het festival, trombonist , zou concerteren. Hampton beter bekend onder de naam Slide speelde in een allstarbezetting een Jobim programma. Eigenlijk was het meer een soort jamsessions met hier en daar een arrangement. Het moest vooral van de solisten komen. In deze bezetting met onder meer; trompettist Claudio Roditi, tenorsaxofonist Andres Boiarsky en bassist John Lee zat dat wel goed. Vooral de nogal chagrijnig kijkende Andres Boiarksy soleerde gedreven. Claudio Roditi bewees dat hij naast mooi trompetspelen ook zeer aardig kan zingen en zijn zangwerk viel vooral bij de dames erg in de smaak. Slide Hampton liet horen hoe mooi een trombone kan klinken. Een prima optreden.
Als laatste onderdeel op mijn lijst stond het organ trio. Deze saxpyromaan deed precies wat van hem wordt verwacht. Saxpartijen vol duizelingwekkende techniek waarbij hij ver voorbij het bereik van het instrument komt. Lange kokende solo’s met vette grooves van de organist Gerald Gibbs en drummer Leonard King. Zij zorgden voor het ene hoogtepunt na het andere. Kortom een orgastisch optreden dat een echte kick gaf.
Ook het laatste optreden was groots. De gaf een concert waar de vonken van sprongen. Ondanks (of wellicht dankzij) veel geluidstechnische storingen ging het kwintet er tegenaan alsof ze gisteren de jazz pas uitgevonden hebben. Spetterende collectieven, gedreven solowerk en een kokende ritmesectie zorgden er voor dat dit optreden een unieke muzikale belevenis werd.

The Hague Jazz kenmerkt zich door een uitstekende organisatie. Het tekort aan echte jazzacts kan een bewuste keuze zijn, al hoop ik dat de komende edities de balans wat gunstiger uitvalt voor de meer traditionele jazzvormen. De programmering van zaterdag 19 mei 2007 ziet er op dat vlak in ieder geval veelbelovend uit.

- website

Onderwerp: MUZIEK, JAZZ

Donderdag 29 Maart 2007 at 3:58 pm

Zawinul nog steeds smaak voor avontuur met Syndicate

Joe Zawinul
Joe Zawinul
Joe Zawinul

Door Serge Julien met foto's van Berbera van den Hoek (klik voor vergroting)
Gezien op 22 maart 2007 in De Boerderij te Zoetermeer


Joe Zawinul is een grootheid in het jazz/fusion genre. De toetsenist maakt vooral naam met het baanbrekende Weather Report waar ook saxofonist Wayne Shorter en de veel te vroeg overleden bassist Jaco Pastorius deel van hebben uitgemaakt. De man behoort tot een van de eerste in het genre die de elektrische piano gebruikt (Chick Corea en Herbie Hancock zijn twee andere groten) en daarmee lustig op los experimenteert. Zijn compositie Birdland van de Weather Report millonseller Heavy Weather is een klassieker en is een veel gecovered nummer. Hij is ook te horen op een van de beroemdste fusion platen ooit: Bitches Brew van Miles Davis.

De Oostenrijkse Zawinul heeft de pensioengerechtigde leeftijd al lang bereikt (hij wordt 75 aankomende zomer) maar hij tourt met regelmaat de wereld rond. Al jaren leidt hij de formatie Zawinul Syndicate waarmee hij vanavond de Boerderij aandoet waar men in grote getale is komen opdagen. Met deze formatie die nogal eens van samenstelling wisselt, vermengt hij jazz, rock en wereldmuziek tot een geheel en dan leidt vaak tot zeer avontuurlijke composities. Ook nu heeft hij een bond multicultureel zes man tellende formatie bij zich die er veel zin in lijkt te hebben. Ze komen uit alle hoeken en windstreken: Mauritius, België, Brazilië, Afrika en Marokko. Gedurende de show zijn de muzikanten constant gefocused op Zawinul. Het zijn over het algemeen lange composities waarbij ieder zijn of haar invulling aangeeft. Het kan voor de een wat chaotisch overkomen, zeker als je niet thuis bent in de muziek van Zawinul of als je moeite hebt met jazz rock/fusion maar de ware liefhebber krijgt een huzarenstukje geleverd die met twee percussionisten en een drummer veel ritmische acrobatiek toevoegen en passie voor avontuur tonen.

Joe Zawinul
Joe Zawinul
Joe Zawinul


De percussionisten hebben een arsenaal aan instrumentatie bij zich waar ze met regelmaat gebruik van maken om kleur te geven aan de nummers. Dat werkt prima. Erg lekker is het intermezzo tussen gitarist Alegre Correa en Jorge Bezerra die een Braziliaanse compositie ten beste geven. Correa neemt daarbij naast zijn soepele gitaarspel ook de zang voor zijn rekening terwijl Bezerra hem percussief bijstaat en na afloop nog even laat zien dat hij ook nog acrobatische toeren kan uithalen met zijn tamboerijn. Ook heel mooi is de solospot voor drummer Paco Sery die in de tweede helft van de show achter zijn drumkit vandaan komt om vervolgens met een kalimba (dit instrument brengt tonen voort door het met de duimen aantokkelen van metalen tongetjes die op een klankkast zijn aangebracht) een hoogstandje weg te geven terwijl hij Zawinul achter de piano volgt. De meester zelf zit er de hele avond rustig bij, gebruikt spaarzaam vocoder effecten, haalt verschillende geluiden uit zijn toetsenborden maar geeft vooral de ruimte aan zijn muzikanten.

Het is erg leuk om Zawinul eens van dichtbij aan het werk te zien want als hij op het North Sea Jazz Festival langskomt, waar hij met regelmaat staat geprogrammeerd, dan speelt hij toch veelal in een grote onpersoonlijke zaal. Om hem nu in een club te zien met zijn altijd weer bijzondere muzikanten is zeer aangenaam. Hij mag dan op leeftijd zijn, hij heeft nog steeds smaak voor avontuur.

- website

De band
Joe Zawinul “ toetsen en zang
Sabine Kabongo “ zang
Linley Marthe “ bass
Alegre Correa “ gitaar, zang
Paco Sery “ drums
Jorge Bezerra- percussie
Aziz Sahmaoui “ percussie, zang

CD en DVD
Joe Zawinul-A Musical Portrait<br  />Joe Zawinul
Joe Zawinul-A Musical Portrait
Joe Zawinul
Brown Street<br  />Zawinul, Joe
Brown Street
Zawinul, Joe

Onderwerp: FESTIVAL, JAZZ, MUZIEK, OEROL, POP-ROCK, VERWACHT

Maandag 26 Februari 2007 at 4:26 pm

Oerol komt aan wal in Paradiso

Jaune Toujours (foto Henry Krul)
Swingen met Jaune Toujours (foto Henry Krul)
Jaune Toujours (foto Henry Krul)

Door Henry Krul met foto's van Hans Speekenbrink en Henry Krul (klik voor vergroting)

Zaterdagavond was het Oerolfeest in Paradiso, traditioneel de start van het Oerolseizoen waarin wat smaakmakers te zien zijn die ook op het festival geprogrammeerd staan, vrijwilligers en medewerkers elkaar ontmoeten en waar gedanst kan worden tot in de hele kleine uurtjes. Na het uitgebreide programma van het feest van het 25e Oeroljubileum vorig jaar om deze tijd nu een wat eenvoudiger programmering. Daarbij kwam nog de ongelukkige omstandigheid dat topper Luie Hond en straattheatervoorstelling Babok door ziekte verstek moesten laten gaan.

In de grote zaal werd gestart met het vertonen van de film 'Bestemming Oerol' van Willem Wits (Lemming Film) waarin twee theatermakers en een fotografe worden gevolgd in het wordingproces van hun project voor Oerol 2006. We zien Marc van Vliet van TUIG zoeken naar de goede vorm voor zijn voorstelling Tocht, operamaker Anthony Heidweiller zijn plannen voor 'Roeland' realiseren op een eindeloos strand waar de wind ieder geluid meeneemt en fotografe Linette Raven bouwt een band op met eilanders die zij fotografeert voor Fan Twa Kanten.

In alle drie de verhalen is goed te zien hoe het eiland de droom en passie van de makers beïnvloedt en eigenlijk altijd in positieve zin, al voelt dat op het moment dat de invloed kenbaar wordt lang niet altijd zo. (De film is op 1 april te zien in De Balie te Amsterdam en te bestellen door het overmaken van 25 euro op bankrekening 63.26.41.096 tnv Lemming Film Amsterdam ovv DVD Bestemming Oerol en het adres waar de DVD naar toe moet worden gezonden).

Daarna kondigde host Roos Rebergen (Roosbeef) Das Aldi Combo aan die de stemming er meteen goed in hadden zitten. Al gauw hadden de bezoekers zich opgedeeld in twee groepen: de dansers in de grote zaal en de praters in de hal. In de hal werd volcontinue op de muur de film van Thé ¢tre du Centaure vertoond.

Na Das Aldi Combo was er gelegenheid voor interim-artistiek leider Jos Thie om het publiek toe te spreken en een korte samenvatting te geven van wat er allemaal op Oerol te doen is dit jaar, met name de vier grote voorstellingen en voor zakelijk directeur Janneke Staarink om te vertellen over de online kaartverkoop. Joop Mulder, die een jaartje sabbatical neemt, was ook op het Oerolfeest aanwezig en amuseerde zich zo te zien uitstekend zo zonder verplichtingen.


Room Eleven (foto Hans Speekenbrink)
Room Eleven (foto Hans Speekenbrink)


Vervolgens was het podium in de grote zaal voor singer/songwriter Hanneke de Jong met haar Shakespearience. Schitterende songs, prachtig gezongen en gespeeld maar qua sfeer meer geschikt voor de kleine zaal dan voor het grote podium waar het publiek eigenlijk gewoon door wilde gaan met dansen. En swingen kon je zeker bij de muziek van Room Eleven die merkwaardig genoeg even later geprogrammeerd stonden in de kleine zaal die dan ook zo overvol was dat dansen daar niet tot de mogelijkheden behoorde.

In de grote zaal gaf DJ Magnetron ondertussen de muzikale invulling tijdens de set-ombouw op het podium. Gelukkig had men een zeer goede vervanger weten te strikken voor de afwezige Luide Hond te weten Jaune Toujours. Jaune Toujours staat net als thuisstad Brussel garant voor een explosieve mix van cultuur, taal en muziekstijlen. En dat laatste wordt al snel duidelijk als de groep het podium betreedt. Want of het nou rock, chansons, ska, zigeunermuziek, balkan of fanfareklanken zijn, bij Jaune Toujours kan het allemaal! Deze band speelde onlangs nog in het voorprogramma en Manu Chao en liet zien en horen waarom. Met een zeer anstek elijk optreden van de vijf gepassioneerd spelende musici kon niemand zijn voeten meer stil houden. Het gevolg was een prachtige afsluiting met dansbare livemuziek.

Ongetwijfeld is het feest nog lang doorgegaan met Cartes ism PIPS:lab, Aux Raus en de DJ's Antal, Ans Jovisch (Red Nose Distrikt) en All out K, maar dat hebben wij niet meer meegemaakt. Wij feesten straks wel weer verder op Terschelling vanaf 15 juni.

Oerol - website

Hanneke de Jong & Band

Daniel Brandl - cello
Alex Akela - mandoline/viool/dobro
Erik Harbers - bas
Marc Buijs - piano
Hanneke de Jong - piano/gitaar/zang
website & MySpace

Das Aldi Combo

André Dodde - orgel
Arnold Veenkamp - drums
Jan Veenkamp - basgitaar
Hans Sulman - saxofoon
website & MySpace

Room Eleven

Janne Schra - zang
Arriën Molema - gitaar
Lucas Dols - contrabas
Maarten Molema - drums
Dirk - toetsen
website & MySpace

Jaune Toujours

Piet Maris - zang, accordeon
Bert Bernaerts - contrabas, trompet, tuba, zang
Theopane Raballand - drums, percussie, zang
Bart Maris - trompet, tuba, cornet, zang
Christophe Morisset - trombone, bombardon