Onderwerp: MUZIEK, POP-ROCK

Dinsdag 30 Mei 2006 at 09:44 am

Keane overtreft zichzelf in overvol Paradiso


Door Carol Greenshields met foto's van Berbera van den Hoek (klik voor vergroting)

Tegen 19:30 beklimmen we de trappen van Paradiso Amsterdam. Voordat we toegelaten worden moeten we eerst het gebruikelijke ledenkaartje kopen en eenmaal binnen ontdekken we dat het begin is uitgesteld tot 21:15 (later blijkt dit wegens een begrafenis waardoor een bandlid even op en neer naar de UK moest). Afijn even genieten van de sfeer van een vollopend Paradiso. Tegen 20:45 uur is het tijd om het route te nemen die we vanaf de tweede verdieping hebben uitgestippeld om enigszins dichtbij de podium te komen.

Met stroboscopische verlichting en een denderende grom van het iets te hard ingestelde volume van het keyboard bespeeld door Tim Rice-Oxley en met Richard Huges op de drums komt Tom Chaplin het podium op. Het publiek reageert meteen enthousiast. Onder stralen van rood en blauw licht begint de band met het nummer The Iron Sea. Dit is waar we voor kwamen; Keane op zijn best. Tom Chaplin schrijdt regelmatig over het podium naar het keyboard waar Tim Rice-Oxley geestdriftig met elke toets zijn hele lichaam inzet. Het resultaat: glinsterende zweetdruppels vliegen het podium over om te verdampen in de hitte van de felgekleurde lampen. Song nummer 4, het overbekende “Everybody’s changing”, en het publiek verlangt alleen maar naar meer. Duizend stemmen zingen met elk woord mee.



In de stiltes tussen de liedjes wordt nauwelijks wat gesproken, toch op een gegeven moment wordt er aan ons meegedeeld, dat ze houden van Amsterdam en zich als echte Engelse toeristen hebben gedragen en alle plekken hebben bezocht waar ze eigenlijk niet hadden mogen gaan. De stem van Tom Chaplin heeft niet geleden onder deze uitspattingen, hij is net zo zuiver als op de CD. Met alle bekende nummers van de vorige CD “Hopes and Fears” zingt iedereen uit volle borst mee. Dit zijn de songs als “Bend and Break”, “This is the last Time”, “Somewhere only We Know”. De nieuwe CD “Under the Iron Sea” is wat minder bekend, en de echte fan is te herkennen, die kan ook hiervan alle nummers woordelijk meezingen. Het publiek bestaat uit mensen van alle leeftijden, waaronder behoorlijk wat Engelsen; Keane spreekt duidelijk jong en oud aan.

Na het nieuwe nummer “Is it any Wonder” verlaten ze het podium, en wordt alles zwart en stil. Rozen worden het podium opgegooid en het publiek begint te schreeuwen, gillen en fluiten om meer, nadat alles drooggeveegd is komt de band terug, en krijgt het uitgelaten publiek nog een aantal nummers waaronder “Bedshaped” wat uiteraard weer door iedereen uit volle borst wordt meegebruld. Ze nemen met z’n drieen een “bow” en verlaten het podium. Het is over. Het was geweldig.

Onderwerp: FESTIVAL, MUZIEK, TONEEL

Vrijdag 26 Mei 2006 at 1:07 pm

The Vicky Vinex Roadshow

foto's van Hans Speekenbrink (klik voor groter)

Festival aan de Werf in Utrecht, het eerste theaterfestival van het seizoen dat zich concentreert rond de Neude en het Huis aan de Werf.


Growing up in Public noemt Vicky zelf de Paris Hilton van Leidsche Rijn. 
De Vicky Vinex Roadshow is nog te zien op De Parade in Den Haag, Utrecht en Amsterdam, op Festival Over het IJ, op het Festival Karavaan en tot slot op de jaarlijkse Uitmarkt te Amsterdam. Kijk op de sites voor exacte speeldata.

Onderwerp: MUZIEK, WERELDMUZIEK

Donderdag 25 Mei 2006 at 10:31 am

Karnatic Lab Festival ‘Voices’


Tekst en foto's van Ton Maas, 20 mei, Bimhuis, Amsterdam

De tweede avond van het Karnatic Lab Festival 2006 begon zaterdag in het Amsterdamse Bimhuis met klanken die meer aan de Balkan en het Midden-Oosten refereerden dan aan de klassieke muziek van Zuid-India. Messing met PVC, het duo van trompettist Gijs Levelt en contrabasfluitist Ned McGowan, was voor de gelegenheid uitgebreid met de Italiaanse percussionist Pino Basile en de Griekse zangeres en luitiste Martha Mavroidi. Het kwartet ging van start met twee stukken van Levelt, die een sterk Arabische inslag vertoonden. Vooral de »d-achtige klank van Mavroidi’s lafta (Byzantijnse luit) en de zwierige tempi uit Basile’s raamtrommel waren daarvoor verantwoordelijk. McGowan wist met zijn imposante, uit pvc-pijp opgetrokken instrument diepten te bereiken waarin alleen kerkorgels hem ooit voorgingen. Een stuk van zijn hand mondde verrassend uit in een Bulgaars lied door Mavroidi, compleet met het tergend trage vibrato uit Rodope en de voor het Piringebergte typerende jodels. Basile zorgde voor visueel spektakel met zijn foekepot, een trommel waarbij de speler zijn hand op en neer beweegt langs een stok die door het vel is gestoken. In een zelfgeschreven lied demonstreerde de jonge Griekse later nogmaals haar fabelachtige beheersing van het Bulgaarse idioom, door haar stem zonder enige aarzeling op slechts een secunde afstand tegen de toon van de trompet te vleien.

Het optreden van Boi Akih vormde een overtuigend bewijs voor het belang van Karnatic Lab. Nadat vocaliste Monica Akihary tijdens het festival van 2000 met open mond had zitten luisteren naar de Indiase zangeres Jahnavi Jayaprakash, kreeg zij de kans om bij haar in India te komen studeren. De aldaar opgedane vaardigheden vervlocht zij zaterdagavond veelvuldig in haar persoonlijke bewerkingen van Molukse melodieën. Bovendien bewees Boi Akih dat ze als duo zo op elkaar zijn ingespeeld dat elke toevoeging overbodig is. Akihary en gitarist Niels Brouwer bedreven op toneel de liefde, maar doordat ze daarbij elke buitenmuzikale toenadering vermeden, riep de intimiteit van hun samenspel bij het ademloos toeziende publiek geen enkele gêne op.

Filosoof, kunstschilder, componist en zanger Najib Cherradi had er vervolgens een harde dobber aan. Begeleid door de groep Weshm mocht hij de avond besluiten. Er werd fraai gemusiceerd en Cherradi is een bekwaam vertolker van de spirituele zangkunst uit de Arabische wereld, met een imposant en sonoor stemgeluid. Maar zodra het op improviseren aankwam, deed de onvermijdelijke vergelijking met Akihary hem toch de das om.

Onderwerp: MUZIEK, WERELDMUZIEK

Woensdag 24 Mei 2006 at 09:18 am

Dubbelconcert: Erzincan & Kalhor en “zdemir & Moradi


Tekst en foto's van Ton Maas (13 mei, Orpheus, Apeldoorn)
vlnr Kalhor, Kalhor & Erzincan en Moradi


Of de Turkse en de Iraanse muziek elkaar ontmoeten in Mesopotamië, zoals het programmablad belooft, is nog maar de vraag. De Iraans/Koerdische zanger Ali Akbar Moradi en zijn Turkse collega Ulas “zdemir deden voor de pauze niet veel meer dan elk een lied uit de eigen traditie vertolken, waarbij de ander op z ­jn langhalsluit een deel van de begeleiding verzorgde. Toch viel er wel degelijk wat te genieten, want Moradi is behalve een begenadigd zanger ook een kei op de tanbur, de ‘moeder’ van alle langhalsluiten in de regio, waaronder ook de Turkse baglama. Vooral zijn opwaartse vingerrol “ tegengesteld dus aan die uit de flamenco “ is opmerkelijk, omdat met relatief trage handbewegingen razendsnelle passages kunnen worden gespeeld. De jonge Turkse zanger en baglamaspeler Ulas “zdemir bleek echter niet in staat dezelfde intensiteit te leveren en stak daardoor wat flets af tegen zijn Iraanse collega. Bovendien bewegen beiden zich in een volks idioom, veel minder spectaculair dan de hogeschool van de Turkse en de Iraanse soefimuziek met haar ragfijne melismen. Nee, dan na de pauze, als kemanche-virtuoos Kayhan Kalhor (eveneens van Koerdisch-Iraanse komaf) in dialoog treedt met Erdal Erzincan, die net als Arif Sag tot de grootste Turkse baglamaspelers wordt gerekend. Vrij improviserend op Koerdische thema’s loodsen de twee hun publiek behoedzaam binnen in een muzikaal universum dat de traditionele begrenzingen van het Turkse, het Koerdische en het Iraanse idioom ver achter zich laat.
Door de baglama niet langer met een plectrum te bewerken maar met de blote vingertoppen, bereikt Erzincan niveaus van subtiliteit en contrast in dynamiek die tot voor kort ongehoord waren in de Turkse langhalsluitmuziek. Kalhor is al net zo’n vernieuwer voor de kemanche (vedel). Zo is hij in staat het schelle timbre van het als weerbarstig bekend staande instrument zodanig te temmen dat er soms slechts een fluisterzacht gemurmel uit opstijgt.

Erzincan en Kalhor zitten elkaar in hun spel dermate dicht op de huid dat het vaak lijkt alsof ze een volledig doorgecomponeerd werk uitvoeren. Of hun improvisatie nu smeult in de zwangere stilte na een wegstervende noot of oplaait in een jachtige snarenwisseling, telkens weer weten ze te verrassen met hun speelse inventiviteit. Kalhors reputatie als muzikaal grensganger was al ruimschoots gevestigd, maar juist déze ontmoeting is zijn ‘finest hour’ tot dusver. Nooit eerder kon er aan het einde een lachje af, dus ook de meester zelf moet tevreden zijn geweest.

Onderwerp: MUZIEK, POP-ROCK

Dinsdag 23 Mei 2006 at 10:57 am

Stevige bluesrock met Julian Sas in Het Paard


Door Serge Julien met foto's van Maarten Grootendorst (klik voor groter)

Bluesrock liefhebbers als wel gitaarfreaks hebben zaterdag hun hart kunnen ophalen in het Haagse Paard van Troje waar Hollands gitaarbeest Julian Sas zijn instrument door de Marshall versterkers heeft laten gieren en brullen. Een paar honderd man (zowel ouderen als jongeren) hebben een muzikant aan het werk gezien die overduidelijk plezier heeft in het spelen met zijn band. Dat enthousiasme weet hij over te brengen op het publiek dat lekker staat mee te deinen op de bluesboogies en stevige rockers.
Aanvankelijk lijkt een toekomst als geschiedenisleraar voor de 36-jarige Geldernaar te zijn weggelegd maar het pakt (gelukkig) anders uit en hij wordt muzikant. Hij heeft tien CD’s op zijn naam staan. Rauwe bluesrock beheerst zijn passie en hij laat zich inspireren door Amerikaanse gitaristen als Johnny Winter, Jimi Hendrix en zijn grote held Rory Gallagher (waarmee hij ook regelmatig wordt vergeleken) en blueslegendes als John Lee Hooker en Freddie King. Zijn tweede album A Smile To My Soul (1997) wordt een van de beste bluesplaten van het jaar genoemd. Dedication, een dubbele live DVD en CD is zijn laatste wapenfeit. Een aantal nummers daarvan passeert ook zaterdag de revue waaronder High And Low, Blues For J, I Believe To My Soul en het prachtige Blues For The Lost And Found. Sas’ stemgeluid is lekker rauw en donker en combineert prima met de stevige geluidsmuur die hij creëert waarin hij wordt ondersteund door een cool ogende en strak spelende Tenny Mahamata en de prima drummende Rob Heijne. Opvallend is dat de communicatie met het publiek in vlekkeloos Amerikaans wordt gevoerd. Nu is niet alleen luisteren naar Sas aangenaam maar naar hem kijken is ook leuk. Het wat kalende bovengedeelte van zijn hoofd wordt gecamoufleerd door een zwarte bandana waarlangs een behoorlijk bos donkerblonde gekrulde haren wappert. In zijn gezicht zijn van die geweldige grimassen waar te nemen als hij soleert: dichtgeknepen ogen met getuite lippen, dan weer de boventanden over zijn onderlip waardoor hij soms wat weg heeft van een knaagdier. Een stoere podiumpresentatie die ook wat weg van die andere gitaarbeul Walter Trout.



In het twee uur en een kwartier durende optreden eert Sas zijn bluesheld John Lee Hooker met het geweldige Driftin’Boogie terwijl Jimi Hendrix vlak voor de toegift van zijn wolk kan genieten van een lang uitgesponnen Hey Joe.
Het enige minpunt van de avond is de wat sobere verlichting. Iets wat ik niet verwacht als ik zes enorme joekels van witte spotlights zie maar die uiteindelijk maar weinig worden gebruikt. Het doet niks af aan de muziek maar deze band mag gezien worden en daarom zou het iets meer in de spotlights mogen.
De vergelijkingen die worden getrokken met snarenhelden in het hiernamaals zoals Jimi Hendrix en Rory Gallagher zijn wat mij betreft terecht na het horen van dit optreden. Lekker rauw, stevig, puntig en smerig en vooral uit het hart. Prima om naar te luisteren en erg leuk om naar te kijken. De volgende keer zouden er toch wat meer mensen naar het Paard moeten komen!

De Band
Julian Sas “ gitaar en zang (website)
Tenny Tahamata “ bass
Rob Heijne “ drums

CD/DVD
Twilight Skies Of Life<br  />Julian Sas
Twilight Skies Of Life
Julian Sas
Julian Sas - Delivered<br  />Julian Sas
Julian Sas - Delivered
Julian Sas